Pinot, nr. 557, Epinal ca. 1873

 

LE MONDE A L'ENVERS No 557.

 

 

De firma’s Pinot & Sagaire, Pinot en Olivier-Pinot te Epinal

Charles Pinot (1817-1886), zoon van een laarzenmaker in het leger van Napoleon, kreeg zijn opleiding aan de Academie van Parijs. Gezondheidsproblemen dwongen hem de stad te verlaten. Hij vestigde zich in 1847 in Epinal waar hij tekenaar werd bij Pellerin. Op zijn naam staan onder andere de liedprenten die hij rechtstreeks op het hout tekende en die door Vanson gegraveerd werden.[i] Onenigheid met Vanson over de uitvoering van zijn werk en teleurstelling dat Pellerin niet van plan bleek in hem in de directie op te nemen, leidden tot een breuk. Pinot begon daarna op de andere oever van de Moezel met zijn financier Sagaire een eigen prentenfabriek de ‘Nouvelle imagerie d’Epinal’. Pinot, die ook als boekhandelaar stond ingeschreven, beconcureerde met zijn prenten onder de naam Nouvelles imagerie d’Epinal, zijn vroegere patroon hevig.[ii] De omvang van de oplagen is niet bekend. De prenten werden verkocht voor 10 centimes per stuk.[iii]

Hij bouwde in korte tijd een prentfonds op van meer dan 600 prenten. Aanvankelijk gaf hij schabloongekleurde houtgravures uit in de trant van Pellerin, maar al snel schakelde Pinot, die zelf niet graveerde, over op de lithografie. Voor een beroepstekenaar als Pinot een groot voordeel omdat hij daardoor zonder tussenkomst van een graveur kon werken.

De tekeningen van Pinot zijn heel realistisch. Hij tekende snel, haast mechanisch, maar was een scherp observator. Met enkele trekken wist hij zijn personages karakter te geven, vaak op het karikaturale af. Zijn produktie was derhalve hoog, waaronder de kwaliteit nog wel eens leed. Anderzijds verloste zijn losse stijl van tekenen, de veelheid van onderwerpen en de vrije uitvoering in lithografie de industriële prentkunst van starre schabloonachtige weergave die bij de houtsnede en aanvankelijk ook in de lithografie gebruikelijk was.

In 1865 kreeg zijn bedrijf het predikaat koninklijk en drukte hij onder zijn prenten Fournisseurs-imagistes de S.-M. l’Empereur. Pellerin liet dit niet over zijn kant gaan en drukte onder zijn prenten: Fournisseurs brevetés de S.M. l’Impératrice. Beiden moesten na het uitroepen uitroepen van de 3e republiek op 4 september 1870 deze compromiterende aanbeveling weer snel verwijderen.

Charles stierf in 1874 waarna de zaak werd voortgezet door zijn zwager Charles Olivier I, die zijn neef Charles Olivier II in de zaak opnam.

Na de dood van Charles Olivier II zette zijn weduwe de prentenfabriek nog een paar jaar voort. Zij verkocht het bedrijf in 1888 aan Pellerin.

 

Het prentfonds van Pinot is grotendeels traditioneel. Prenten met verhalen en sprookjes, spelprenten en veel prenten met militairen kwamen bij Pinot van de persen. Volgens René Perrout ondervroeg hij zijn medewerkers over hun dromen en ontleende daaraan de verhaalstof voor nieuwe prenten. Het verhaal over de duivel in de fles zou zo zijn ontstaan.[iv] Ook uit verhalen van Duitse en Engelse schrijvers putte hij stof voor zijn prenten.

Vanaf ca. 1870 gaf de firma Olivier-Pinot prenten uit met Nederlandse tekst; aanvankelijk op eigen naam, later op naam van de boek- en papierhandelaar J.H. van Wees te Utrecht in een serie die Nieuwe Hollandsche Kinderprenten heette.[v]

In de verzameling Wallerverzameling (portefeuille 11) is een prent van Koning Willem III met de adressen van beide firma’s:  Imp Lith Ch.Pinot Éditeur a Epinal en Uitgave van J.H. van Wees Jr., Utrecht. Het is een soort statieportret waarop de vorst in uniform ten voeten uit is afgebeeld.[vi]

In de reeks Prentjesdruk van Epinal gaf ook Pellerin vanaf 1890 een aantal Nederlandstalige prenten van Pinot uit.

De verkeerde wereld is een schabloongekleurde litho omstreeks 1873 uitgegeven door Pinot onder nummer 557.

De prent heeft 4x4 taferelen met onderschriften.

 

Adres: Nouvelle Imagerie d’Epinal. / Imp. Lith. OLIVIER-PINOT éditeur à Epinal. Déposé.

Afbeelding bij Tristan (1980), afb.165

Vindplaats: NOM


 

[i] P.-L. Duchartre en R. Saulnier, L'imagerie populaire - les images de toutes les provinces françaises du XVe siècle, au second empire. Les complaintes, contes, chansons, legendes… Paris: Librairie de France 1925, p. 197.

[ii] Blijkens een advertentie in Bibliographie de la France. jrg. 51, 5 april 1862, p. 156.

[iii] In de verzameling Waller (portefeuille 11) is  een Franstalige prent van Le roi Dagobert (nr.424) met onder andere de tekst “á dix centimes la feuille”.

[iv] René Perrout, Tresors des images d'Epinal - Nouvelle édition de l'oeuvre de R. P. parue en plusieurs livraisons de 1910 à 1912 dans la 'Revue Lorraine'. S.l.: Editions Jean-Pierre Gyss 1985, p. 190.

[v] Van Wees adverteerde in 1872 voor Franse kinderprenten à ƒ5,50 per riem (NvdB 16-1-1872)

 

 

 

Schabloongekleurde litho omstreeks 1873 uitgegeven door Pinot onder nummer 557.

De prent heeft 4x4 taferelen met onderschriften.

Adres: Nouvelle Imagerie d’Epinal. / Imp. Lith. CH. PINOT éditeur à Epinal. Déposé.

 

Afbeelding bij Tristan (1980), afb.165

Vindplaats: NOM

 

taferelen:

1.  het kind verzorgt de moeder

2.  de hond richt zijn baas af

3.  ezels geven les

4.  de haan slacht de meid

5a.de os zet de mensen op stal;

5b.de os rookt pijp

6.  de vogels wandelen met paraplu en de mensen minnekozen in de bomen.

7. een kaars branden om overdag beter te zien

8.  het paard ment de koetsier          

9.  de kruiwagen kruit de beladen man

10. ratten en muizen verjagen de kat

11. de wolf hoedt de schapen

12. de vis vis op de hengelaa

13a.de wagen staat voor de ezel

13b.de drijver zit omgekeerd op de ezel

14. de generaal staat op wacht en groet de soldaat

15. de haas schiet de jager

16. een staartster valt op aarde waarna alles omgekeerd is

 

teksten

De kleine meid speldt haar mama in en legt haar in hare wieg te slapen. Zij moet heel zoet zijn terwijl zij de bouillon gaat gereed maken.

De honden zijn de baas geworden en de menschen worden in een hok opgesloten Kom spring Médor ! denk aan de stokslagen, kom luiaard, hop, hop.

De ezels zijn nu geleerden en dragen brillen Daar hebt ge er een die professor is.

Groote revolutie onder de vogels. De dienstmaagd wordt vervolgd door den haan, die haar de hals afsnijdt, hij maakt er hutspot van en alle vogels smullen.

De menschen worden in de stal opgesloten, en eten hooi. Een vette os, die zijn pijp rookt, komt aan de stal zien, of het vee in orde is.

De vogels dragen laarzen en schoenen en wandelen met parapluies. De heeren en dames minnekozen in de bomen.

De zon wordt te oud en geeft geen licht meer. Vader Haverkorrel, die een stuiver verloren heeft is verpligt een kaars op te steken op klaar lichten dag.

Het paard is de baas geworden. Nu zit het in den wagen, en de koetsier loopt er voor. Kom vooruit, hue ! hue ! hop ! hop!

De kruiwagen staat tegen zijn meester op en legt de zak op diens rug. Kom vooruit, maak voort.

De ratten en muizen maken jagt op de katten die vreeselijk bang worden. Wacht schelm! Dief! We zullen ! je wel vangen.

De wolf wordt herder en de grootste vriend der schapen. Hij houdt de wacht bij zijne kudde om ze tegen te honden te bewaren die slecht en wild zijn geworden.

De visschen hengelen en de menschen zwemmen in het water. Echt ! ik heb tuk. Hop ! Oh! Wat een klein vischje ! Zoo zijn er vele voor een maal nodig.

Jan Nicolaas spant zijne wagen verkeerd in. Hij beweert, dat men op die wijze beter mennen kan en veel vlugger gaat.

De generaal doet het werk. Hij betrekt de wacht, maakt de groenten schoon, en presenteert het geweer voor de lotelingen.

De hazen zijn wreed geworden en dapper als leeuwen. De menschen leven op het veld en eten gras en kool. Zij vluchten als zij een haas zien. 

Eene enorme staartster, viel op de aarde en gaf een verschrikkelijken schok die de bewoners der aarde zoo in verwarring bracht dat alles omgekeerd was.

 

© 2001-2010 A.G.J.M. Borms. Bijgewerkt op 06 April 2011.

Overname, copiëren en downloaden voor niet-commercieel gebruik van teksten en afbeeldingen is toegestaan onder vermelding van bron SGKJ/AGJMBorms. Contact centsprenten@xs4all.nl